Köpfchen is de voormalige grensovergang op de Eupener Straße tussen Aken (D) en Raeren (B). Het bedrijvige goederenvervoer leidde rond 1950 aan de Belgische kant tot de bouw van een douanehuisje midden op de weg. Toen dit na het opengaan van de grenzen in 1995 (Schengenakkoord) niet meer gebruikt werd, dreigde het in verval te raken. Pas met de oprichting van de Duits-Belgische vereniging “Kunst und Kultur im Köpfchen” (KuKuK) in 2000 werd het behoud van het Belgische douanegebouw veilig gesteld. Sindsdien vinden hier allerlei goed bezochte culturele evenementen plaats.
Westwall is een overblijfsel van de nationaalsocialistische oorlogspolitiek en is in de regio Aken nog op veel plekken in het landschap te herkennen, zo ook ten zuiden van de Rotsiefweg, ten westen van Köpfchen. Tussen 1936 en 1938 werden meer dan 14.000 bunkers, tunnels en een 76 kilometer lange lijn van drakentanden of “Höckers” aangelegd om tanks tegen te houden. De drakentanden, ook wel “Hitler-asperges” genoemd, zijn momenteel deels beschermde monumenten en zijn een toevluchtsoord voor allerlei zeldzame planten en dieren geworden.
Landgraben: verderop gaat route 5 weer even de grens over en kruist daarbij de Landgraben rond Aken. Hier is nog een zeer mooi geheel met de aarden wal, een adelaarssteen en grensbeuken behouden gebleven. Iets verderop, vlak na de hut “Schmalzloch”, zijn weer enorme grensbeuken te zien naast de route. Volg de aftakking naar Grüntal/Kelmis een paar meter tot bij de imposante beuken. Omdat ze al zo'n honderd jaar niet meer gesnoeid zijn, hebben ze nieuwe stammen gevormd vanuit het punt waar ze vroeger geknot werden. Een thematisch bord geeft uitleg over dit proces.
Heuvelgraven: een beetje buiten de route liggen bij de Klausberg heuvelgraven uit de vroege tot middenbronstijd (ca. 1000 tot 100 v. Chr.). In 1924 legde de Akense professor Liese de aardheuvels bloot en onderzocht hij deze. Daarbij kwam een langwerpige centrale heuvel van onbewerkte stenen aan het licht, die een daaronder liggende sarcofaag bedekte. Vanuit deze heuvel liepen radiale stenen muurtjes naar een grotere omringende steencirkel.
Alt-Linzenshäuschen: bij de Landgraben rond het Rijk van Aken werden wachttorens gebouwd. Een van deze stond bij het huidige Linzenzhäuschen aan de Eupener Straße. Oorspronkelijk werd het de ‘Wachttoren Brandenberg’ genoemd, waarbij ‘Brandenberg’ een benaming is voor ‘grensberg’. In 1499 werd Lenz Besteyn – of in het Hoogduits: Laurenz Sebastian – als wachter voor het leven aangesteld. Vanwege zijn kleine postuur en de voorname toren waarin hij woonde werd hij in de volksmond “Leensgyn up ghen Huysyijn” – “Lenschen op zijn huisje” genoemd. In de loop der eeuwen werd de naam van de toren vervolgens verbasterd tot “Linzenshäuschen”.
Pionierquelle: deze bron werd in 1939/40, vlak voor de invasie van de Duitse Wehrmacht in België en Nederland, aangelegd door leden van de pionier-jeugdorganisatie die in deze omgeving op kamp waren. Een schuilhut waar men kan rusten heeft dezelfde naam. Direct daartegenover bevindt zich een kinderspeelplaats.